INR waarde

Als u vitamine K remmers slikt, dan staat u onder controle van de trombosedienst. De trombosedienst meet uw INR waarde (International Normalized Ratio): de internationale maat voor de stolbaarheid van bloed.

De INR waarde geeft aan hoe snel het bloed stolt

Hoe hoger de INR, hoe langer het duurt voor uw bloed stolt. Er kan een bloeding optreden.
Hoe lager de INR, hoe sneller uw bloed stolt. Er kunnen bloedstolsels ontstaan.

Van nature is de INR-waarde 1. Afhankelijk van het soort aandoening waarvoor u antistollingsmedicijnen slikt liggen de streefwaarden in Nederland tussen de 2.0 en de 3.5. De trombosedienst bepaalt uw INR-waarde: krijgt u met het aantal tabletten dat u slikt de juiste mate van antistolling? Zolang u vitamine K remmers slikt zult u onder controle blijven van de trombosedienst. Er zijn echter ook patiënten die in aanmerking komen om hun INR waarde zelf te metenmet een zelfmeetapparaat.

In het buitenland wordt dit soms ook wel in seconden en/of procenten weergegeven, maar ook hier kiest men vaker voor de INR. Het voordeel van deze internationale maat is bijvoorbeeld dat u de INR die men bepaalt op uw vakantiebestemming kunt vergelijken met de INR van thuis.

Schommelingen in INR voorkomen

Om de INR-waarde stabiel te houden is het belangrijk om op gezette tijden de juiste hoeveelheid tabletten te slikken. Te weinig vitamine k remmers zorgen voor te weinig antistolling en dat geeft kans op een nieuwe trombose. Heeft u per ongeluk te veel geslikt, dan geeft uw arts of trombosedienst u vitamine K (in druppels of in tabletvorm). Ook als u uw medicijnen juist inneemt, kan uw INR-waarde schommelen. Bekende factoren die de INR waarde kunnen beïnvloeden zijn:

  • Wisselwerking met andere geneesmiddelen
  • Ziekteverschijnselen zoals diarree, koorts, braken of uitdroging
  • Andere aandoeningen, zoals leverziekten, te snel of te traag werkende schildklier, kanker of  nieraandoeningen
  • Stress (het mechanisme hierachter is niet geheel verklaard; trombosediensten zien in deze situatie vaak een verhoogde INR)
  • Sterk wisselende lichaamsbeweging
  • Grote veranderingen in gewicht
  • Verandering van leefomstandigheden (bijvoorbeeld vakantie; er kan dan sprake zijn van minder vochtinname, meer alcoholinname, een veranderd voedingspatroon en ook kunnen tabletten dan makkelijker worden vergeten)
  • Voeding (meer hierover leest u in onze nieuwsbrief over Trombose en voeding
  • Gebruik van voedingssupplementen, multivitaminepreparaten of kruidenpreparaten zoals Sint Janskruid.
  • Alcoholmisbruik
  • Erfelijk profiel (uit recent wetenschappelijk onderzoek is bekend geworden dat er sprake kan zijn van een ‘erfelijk profiel’ dat ervoor zorgt dat de instelling met antistollingsmiddelen moeizamer verloopt. Helaas is het op dit moment niet mogelijk de behandeling af te stemmen op dit erfelijk profiel – op de ‘genen’ -, alhoewel er wel ontwikkelingen op dit gebied gaande zijn).

Mocht er sprake zijn van één of meer van deze omstandigheden, neem dan altijd contact op met uw trombosedienst. De trombosedienst kan de dosering van uw tabletten dan aanpassen. Mocht uw INR-waarde een periode meer dan anders schommelen, dan zal de trombosedienst u regelmatiger controleren.